  |
In het kader van de harmonisatie van de explosieveiligheid en van de aanpassing aan een nieuw richtlijnenconcept werd in 1994 de EU-richtlijn 94/9/EG afgekondigd. Deze regelt de eisen aan ontwerp en constructie van explosieveilige apparaten en beveiligingssystemen en omvat de elementaire veiligheidseisen (GSA) die in het EU-verdrag tussen de lidstaten zijn overeengekomen.
Dit is ook de reden voor de in vakkringen gangbare aanduiding ATEX 95.
De richtlijn geldt voor alle industriële EX-omgevingen, incl. de mijnbouw, en heeft ook betrekking op de bescherming tegen stofexplosies. Het toepassingsbereik dekt alle elektrische en mechanische apparaten, toestellen en beveiligingssystemen. Nog afgezien van de elementaire veiligheidseisen zijn er ook nieuwe regelingen voor de indeling van apparaten en beveiligingssystemen in categorieën en voor de certificering en aanduiding.
In explosiegevaarlijke omgevingen mogen alleen overeenkomstig gemarkeerde apparaten worden gebruikt. Voor op de markt te brengen explosieveilige bedrijfsmiddelen geldt sinds 01-03-1996 de EU-richtlijn 94/9/EG.
De firma HEINRICH DE FRIES GMBH (HADEF) biedt explosieveilige hijswerktuigen aan die voldoen aan de machinerichtlijn 94/9/EG.
Volgens de richtlijn ATEX 95 (EU-richtlijn 94/9/EG) is de producent verplicht om zijn hijswerktuigen volgens de van toepassing zijnde regels, normen en voorschriften voor explosieveilige bedrijfsmiddelen te produceren, in EX-klassen in te delen en overeenkomstig te markeren.
De door HADEF geproduceerde hijswerktuigen voor explosiegevaarlijke omgevingen mogen alleen in overeenstemming met de aangegeven categorie of een lagere categorie ingezet worden.
Handkettingtakels en Pneumatische takels:
EX II 2G IIB c T4 voor Gas of EX II 2D c 135°C voor stof
EX II 2G IIB c T3 voor Gas of EX II 2D c 200°C voor stof
Elektrisch kettingtakel type 90/09 en type 91/09
En de HADEF Elektrische kranen, type EEE Ex en EDEE Ex
EX II 2G IIB T4 voor Gas of EX II 2D 135°C voor stof
De gebruiker dient te bepalen welke van deze classificaties al dan niet op zijn gebruikersomstandigheden van toepassing zijn.
De normen, voorschriften en richtlijnen van de bevoegde organisaties - bijvoorbeeld van brancheverenigingen voor de chemie - voor het gebruik van apparaten in explosiegevaarlijke omgevingen dienen door de gebruiker bij installatie,montage en gebruik van “ex-veilige hijswerktuigen” in acht genomen te worden.
In de mijnbouw, de chemische industrie en diverse andere bedrijfstakken kan het noodzakelijk zijn om bedrijfsmiddelen in te zetten die geschikt zijn voor explosiegevaarlijke omgevingen. Vrijkomende brandbare gassen, dampen, nevels en stof kunnen in combinatie met een zuurstof-/ luchtmengsel een explosiegevaarlijke atmosfeer vormen. Bij ontsteking vindt een explosie plaats die ernstige lichamelijke letsels of materiële schade kan veroorzaken. Voor dergelijke gevallen bevat het HADEF programma hijswerktuigen die maximaal geschikt zijn voor de volgende categorieën EX-omgevingen:
Inzet in zone 1 en 21 of lager
Temperatuurklasse T4 of lager
Gassen van de explosiegroep IIB of lager
(uitzonderingen zijn de IIB-gassen waterstofsulfide (zwavelwaterstof), ethyleenoxide,
lichtmetaal en schokgevoelige stoffen)
Voor deze omgevingen heeft HADEF
Handkettingtakels, pneumatische takels,
Elektrische takels in normale en (extreem)
Verkorte uitvoeringen gecombineerd met
Loopkatten, Elektrische Lieren en kranen
in het programma.
In onze „prijzencatalogus“ vindt u de meeste uiteenlopende hijswerktuigen die geschikt zijn
voor omgevingen waar zich een explosiegevaarlijke atmosfeer kan vormen.
Deze hijswerktuigen zijn met een EX symbool gemarkeerd. Prijzen op aanvraag.
EX Zone indeling
Explosiegevaarlijke omgevingen zijn ingedeeld in zones. Informatie over deze zone-indelingen vindt u in IEC 60079-10 en in de nationale normen. In de onderstaande tabel vindt u een overzicht van de zone-indeling in relatie tot de apparaat categorieën.
| Gas, Nevel, Dampen |
Categorie |
Stof |
Categorie |
Explosie gevaarlijke Atmosfeer is aanwezig |
| Zone 0 |
1G |
Zone 20 |
1D |
Continue, langdurig of frequent |
| Zone 1 |
2G |
Zone 21 |
2D |
Af en toe |
| Zone 2 |
3G |
Zone 22 |
3D |
Zelden of korte tijd |
G= Gassen D= Stof
HADEF levert apparaten voor de zones 1, 2 of 21, 22.
Explosiegroepen gassen
Op grond van hun ontvlambaarheid kunnen brandbare gassen en dampen in temperatuurklassen worden ingedeeld.
| Stofaanduiding |
Ontstekingstemperatuur |
Temperatuurklasse |
Explosiegroep |
| Aceton |
540°C |
T1 |
IIA |
| Ammoniak |
630°C |
T1 |
IIA |
| Benzeen (puur) |
555°C |
T1 |
IIA |
| Azijnzuur |
485°C |
T1 |
IIA |
| Ethaan |
515°C |
T1 |
IIA |
| Ethylacetaat |
460°C |
T1 |
IIA |
| Koolgas |
560°C |
T1 |
IIB |
| Waterstofsulphide (Zwavelwaterstof) |
270°C |
T3 |
IIB |
| Waterstof |
560°C |
T1 |
IIC |
| Ethylalkohol |
425°C |
T2 |
IIB |
| Acetyleen |
305°C |
T2 |
IIC |
| Stookolie |
300°C |
T3 |
IIA |
| Acetaldehyde |
140°C |
T4 |
IIA |
| Ethylether |
180°C |
T4 |
IIB |
Temperatuurklassen
De maximale oppervlaktetemperatuur van het bedrijfsmiddel moet altijd lager zijn dan de ontstekingstemperatuur van het gas/damp-luchtmengsel. Bedrijfsmiddelen die in hogere temperatuurcategorieën ingedeeld zijn, zijn vanzelfsprekend ook toegelaten voor gebruik in omgevingen die een lagere temperatuurklasse vereisen. Omdat in de praktijk gas-/luchtmengsels voor T5 niet voorkomen en voor T6 slechts sporadisch bij zeer specifieke gas-/luchtmengsels zoals bijvoorbeeld zwavelkoolstof (IIC), zijn onze hijswerktuigen niet ingedeeld in deze temperatuurklassen.
| Temperatuurklasse |
Ontstekingstemperatuur van gassen in °C |
Max.Oppervlaktetemperatuur bedrijfsmiddel in °C |
| T1 |
>450 |
450 |
| T2 |
>300 <450 |
300 |
| T3 |
>200 <300 |
200 |
| T4 |
>135 <200 |
135 |
| T5 |
>100 <135 |
100 |
| T6 |
>85 <100 |
85 |
|